De Bijbel, Exodus 7

Hoofdstuk: Exodus 7

2
Ú moet alles wat Ik u gebieden zal tegen Aäron zeggen, en Aäron, uw broer, moet tot de farao spreken, dat hij de Israëlieten uit zijn land moet laten gaan.
← naar Bijbel index

Abonneer op onze nieuwsbrief!