De Bijbel, Jeremia 31

Hoofdstuk: Jeremia 31

18
Ik heb zeker gehoord dat Efraïm zichzelf beklaagt: U hebt mij gestraft, ik ben gestraft als een ongetemd kalf. Bekeer mij, dan zal ik bekeerd zijn, want U bent de HEERE, mijn God.
← naar Bijbel index

Abonneer op onze nieuwsbrief!